Diaconie - Home Diaconie Prtestantse Gemeente Zwolle

Kerk hoort in de WMO

- over gemeentebestuur en gezond verstand

Tegenwoordig wordt onderzoek gedaan naar wat kerken in de samenleving waard zijn. Dat wordt uitgedrukt in geld. Onlangs werd becijferd wat Rotterdamse kerken inbrengen door hun diaconale vrijwilligerswerk e.d. Het bleek dat zij 120 miljoen euro per jaar besparen voor de gemeentelijke overheid. ‘Tel je zegeningen’ is dan ook de titel van het rapport, dat in juli 2008 verscheen.

Het onderzoek, uitgevoerd door Nijmeegse onderzoekers, vond plaats naar aanleiding van een motie van de Rotterdamse gemeenteraad. Die wilde weten wat kerken betekenen voor de Wet Maatschappelijke Ondersteuning (WMO). Hierin wordt een nieuwe relatie gezocht tussen overheid en het maatschappelijke middenveld.

Rotterdam

De Rotterdamse gemeenteraad weet nu wat zij aan de kerken hebben voor de WMO. Het gaat hier om langer gevestigde autochtone kerken en nieuwere migrantenkerken. Zij zijn actief op alle negen ‘prestatievelden’ van de WMO. Het verrastte deze overheid dat de kerken veel actiever zijn dan zij eigenlijk hadden gedacht, al zijn er verschillen. Autochtone wijkgemeenten van de Protestantse Kerk in Nederland of de parochies van de Rooms-Katholieke Kerk zijn doorgaans al geruime tijd actief in de maatschappelijke zorg, de hulpverlening, etc. Nieuwere migrantenkerken leggen meestal meer nadruk op individueel pastoraat en hulp en opvang bij inburgering. Zij organiseren ook kinderwerk en bijvoorbeeld huiswerkbegeleiding. Kerken zijn belangrijke partners voor gemeenten in het bereiken van de WMO-doelen.

Helaas zitten gemeentebestuurders en ambtenaren nog vaak gevangen in het keurslijf van een verkeerd begrepen scheiding tussen kerk en staat. In de geschiedenis is deze mooie Nederlandse uitvinding ingezet om kerken te vrijwaren van overheidsinmenging. In onze tijd lijkt het omgekeerde het geval en houden vertegenwoordigers van de overheid liever het contact met kerken af, uit koudwatervrees voor hun visie. Zij proberen visieverschillen te neutraliseren door net te doen alsof iedereen een eigen mening mag hebben, maar geven in werkelijkheid voorrang aan het levensbeschouwelijk liberalisme. Hoe eerbiedwaardig deze ook is, het is er toch één van de vele.

Het probleem is echter dat deze visie wordt verkocht als de enige van algemeen nut, omdat deze niet stoelt op een religie.
Hierbij wordt verdoezeld dat ook een niet-religieus wereldbeeld een levensbeschouwing is. Een levensbeschouwing is altijd gebaseerd op bovenrationele uitgangspunten. Hoe respectvol men deze ook dient te benaderen, het zijn uitgangspunten die vergelijkbaar zijn met die van een religie.

Daar is niets mis mee. Anders wordt het wanneer het eigen uitgangspunt als de enige waarheid wordt verkondigd en wanneer de politieke macht wordt aangewend om andere opvattingen naar de marge te werken en buiten de deur van het stadhuis te houden. In een democratie moeten verschillen in visie echter duidelijk gemaakt worden in plaats van geneutraliseerd. Anders loopt men als beleidsmakers het gevaar te vervallen in een soort atheïstisch fundamentalisme, dat in de waan verkeert voor iedereen de enige alomvattende waarheid te zijn.

In Rotterdam gebruikt men het gezond verstand. Niet alleen door een onderzoeksrapport als ‘Tel je zegeningen’ te entameren, maar ook door in te zien dat de samenwerking tussen kerk en staat moet worden uitgebouwd. De vraag is wel hoe deze samenwerking vorm kan krijgen in een stad als Zwolle.

Zwolle

In Zwolle hebben naar verhouding meer mensen een binding met een kerk dan in Rotterdam. Het Zwolse gemeentebestuur toont echter mondjesmaat waardering voor het maatschappelijk rendement van kerken. Soms wordt iets aardigs gezegd door de burgemeester of een wethouder, maar tot daden van samenwerking komt het vooral dan pas wanneer de kerk zich vrijwilligerswerk noemt. Als vrijwilligersorganisatie mag de kerk meedoen in de Zwolse WMO-projecten, maar liever niet als kerk. Een door het diaconaat geïnitiëerd inloophuis kan zich het beste ‘algemeen’ afficheren, wil het meedoen in de subsidierace. Voor islamitische groeperingen lijkt de overheid nog iets ruimhartiger, maar dit lijkt te veranderen. Een dergelijk klimaat ontkent mensen in plaats van hen te erkennen. Dit belemmert werkelijke samenwerking en daarmee de voortgang van de WMO.

Het Rotterdamse rapport toont aan dat je als overheid belang hebt bij de activiteiten die van kerken uitgaan. Niet alleen vanwege de centen, maar ook vanwege de omvang ervan. Kerken spelen een rol op prestatievelden waar gemeentebesturen het meest mee worstelen: de psychosociale en de maatschappelijke zorg en hulpverlening. Verder hebben kerken aantoonbare mogelijkheden voor het WMO-werk aan sociale samenhang, leefbaarheid, bevordering van participatie, geestelijke gezondheidszorg, bestrijding van verslavingen, opvang in noodsituaties en jeugdwerk. Op al deze terreinen zijn de kerken in Zwolle actief – de ene meer dan de andere, maar toch. Dat doen zij vrijwel zonder uitzondering door de inzet van vele vrijwilligers in vele al dan niet kerkelijk gebonden maatschappelijke organisaties.

Het wordt tijd dat de Zwolse politiek het bestuur en zijn apparaat opdraagt om over de koudwatervrees van de staat voor de kerk heen te stappen en te doen wat de landsoverheid al lang wil: geef kerken als zodanig een plek in je WMO-beleid. Verstop hun identiteit niet achter een algemene term. De kerken leveren de meeste vrijwilligers, maar zij doen dat vanuit hun eigen identiteit.

Concreet betekent zo’n frisse aanpak minstens drie dingen voor het gemeentebestuur van Zwolle en zijn apparaat. Ten eerste werken deze aan hun bewustwording van de eigen bovenrationele veronderstellingen, waarbij zij de verhouding van kerk en staat weer in de oorspronkelijke benadering bezien. Ten tweede plaatst de gemeente de kerken als zodanig in de WMO-adviesraden e.d. Ten derde werkt de gemeente voortaan met concrete subsidiëring voor de uitvoering van de voor de WMO of andere beleidsterreinen relevante activiteiten van en vanuit kerken.

De kerk hoort in de WMO. Uit welbegrepen eigenbelang doet het gemeentebestuur er goed aan daarvoor de deur ruimhartig open te zetten. Gebruik het gezond verstand en tel je zegeningen!

Lútzen Miedema, diaconaal predikant
Zwolle, 6 aug. 2008

‘Tel je zegeningen’ verscheen 1 juli 2008 bij NIM, Nijmegen (nim@ nim. ru. nl; www. ru. nl / nim)